Met de ontsluiting van meer dan een eeuw aan wetenschappelijke prijzen, goed voor ruim 25 meter archief, rondt het Letterenhuis een eerste fase af in de ontsluiting van het archief van de Koninklijke Academie voor Taal- en Letterkunde. In een tweede fase zullen ook de inzendingen voor de vele literaire prijzen geïnventariseerd en beschreven worden.
Kort na haar oprichting in 1886 begon de KANTL met het organiseren van wedstrijden ‘over onderwerpen betreffende Nederlandse taal- en letterkunde’. De prijsvragen sloten nauw aan bij het streven van de Academie om het Vlaamse intellectuele, culturele en literaire leven te versterken.
Bij de eerste editie in 1887 werden studies gevraagd in verband met taalkunde, taalzuivering, ‘vaderlandse’ geschiedenis, literatuurgeschiedenis en een lofrede op Jan-Frans Willems. Meteen ontving de KANTL twintig inzendingen, waarvan er drie bekroond werden en twee een eervolle vermelding kregen. De prijsvragen werden een vaste waarde. De vaak uitvoerige beoordelingen van de prijsvragen werden tot aan de Tweede Wereldoorlog gepubliceerd in de ‘Verslagen en mededelingen van de Academie’.
De inzenders van de prijsvragen waren bekende en minder bekende auteurs uit Vlaanderen. Een opvallende naam is deze van Virginie Loveling, die in 1901 een verzameling traditionele kinderliedjes noteerde en instuurde. De afbeelding toont een fragment van haar inzending.