Op 6 oktober stelde de KANTL Boeken die blijven voor, de gids bij de Canon van de Nederlandstalige literatuur. In een volle zaal in het Huis van Oombergen werd het eerste exemplaar feestelijk overhandigd aan voorzitter van het Vlaams Parlement Freya Van den Bossche.
Commissieleden Kristien Bonneure en Lieke van Deinsen vertelden hoe de dynamische KANTL-canon tot stand kwam, Johanna Ferket gaf een inkijkje in de collectie van het Letterenhuis, en Barbara Kalla van de Universiteit van Wrocław plaatste de canon in een internationaal perspectief: hoe wordt er in het onderwijs en onderzoek in Polen gekeken naar de klassiekers uit de Nederlandstalige letteren?
Het antwoord luidt dat de canon geen vaststaand geheel is en over de grenzen van tijd en ruimte heen van gedaante durft te veranderen. Boeken die blijven nodigt uit om na te denken over hoe literaire klassiekers blijven doorwerken in het heden. Zowel de makers als de uitgever van het boek spraken dan ook de hoop uit dat ons cultureel en literair erfgoed nieuwe lezers mag blijven bereiken. De vele jongeren in de zaal bevestigden alvast dat die hoop terecht is.
Dat onze klassiekers springlevend zijn, bewezen ook de Poëzusjes met hun originele, door de canon geïnspireerde kleinkunst.
De Academie dankt allen die bij dit project betrokken waren, in het bijzonder uitgeverij Lannoo, Erfgoedbibliotheek Hendrik Conscience en het Letterenhuis. Zonder instellingen die ons erfgoed bewaren, ontsluiten en doorgeven, dreigen boeken die blijven uiteindelijk boeken te worden die verdwijnen.